Ik moest wel gek zijn om van je te houden (nog op te nemen)

 

Ik moest wel gek zijn om van jou te houden

Trok steeds weer 't boetekleed aan

Ik hing steeds in de touwen

Ik smeekte m'n gekte te gaan

Ik moest wel gek zijn om van jou te houden

Jij die de ware niet was

Die dronk uit mijn wond, op wie ik vertrouwde

Die mij steeds maar voor even genas

 

Maar de gekte kent gaten waarin je kunt schuilen

Dieper dan het diepste vaarwel

Daarin hoef je niets (uit) te ruilen

Te wreken, te vragen: vertel!

 

Ik moest wel gek zijn dat ik van je hield

Ik heb het lang zo gelaten

Ik moest eerst iemand zijn die viel

Ik moest iemand zijn die ik haatte

 

Mijn zinnen staan wagenwijd open

Verschuil ik me achter de woorden?

Die stromen in mij en laten me lopen

Als ik luister naar wat ik hoorde

 

Steeds vaart in mij de hang naar ‘t grote

Alsof ik opnieuw word geboren

Ben hier niet om de boel te verkloten

Heb ik me bescheiden in hoogmoed verloren?

 

Jij moest wel gek zijn om van mij te houden

Ik die de ware niet was

Die dronk uit jou wond, op wie jij vertrouwde

Die ik steeds weer voor even genas