Columns - Verhalen - Zondagstukken - Recensies

Er huilde een meisje in de tram

Het was zondag, de bladeren vielen en er huilde een meisje in de tram

 

Ze stond daar zomaar te huilen

 

Aan haar ene hand een telefoon, met de andere leunde ze op een vouwfiets

 

En ze bleef maar huilen

 

Wat was er toch met haar aan de hand?

 

‘t Moest wel erg zijn om zo in de tram te staan huilen

 

Ze droeg een van die laarsjes, van die ‘uggs’, noem je dat zo?

 

‘t Was een meisje van rond de dertig en ze bleef maar huilen, een hevig gesnik was ‘t nu, en haar tranen vielen in de bontkraag die ze droeg

 

Het moest iets zijn wat haar was overvallen, anders had ze het huilen wel uitgesteld, want ik moest machteloos naar haar kijken en haar huilen vulde de hele coupe

 

De andere mensen trouwens in de coupe keken stijf voor zich uit, hun hoofden hobbelden doofstom mee op de baan van de tram en het gesnik van het meisje

 

Niemand bewoog , niemand zei wat, niemand die haar wilde troosten

 

Dat zou ‘t voor haar ook alleen maar erger gemaakt hebben want je zag dat ze niet wilde huilen maar dat ze huilen moest

 

Het werd een gejank nu, en een weengeklaag

 

Het ging door merg en been, door het merg en been van een hele coupé reizigers, die misschien ook allemaal wel wat te huilen hadden, maar niet kondenfacebook blog foto