Columns - Verhalen - Zondagstukken - Recensies

Flyeren bij Henk Hofstede

‘U heeft geluk,’ zegt de man bij de kassa van De Zonnebloem , een theater in Noord. ‘Een mevrouw werd onwel en zei:  ‘de eerste die voor een kaartje komt, mag het mijne hebben.’’ Ik ben perplex, vrolijk overdonderd. ‘Dit gebeurt mij nou altijd!’ roep ik. ‘Sterker, dit is de vijfde keer in mijn leven dat er iets bijzonders gebeurt en met Leonard Cohen te maken heeft!’ Achter mij in de rij staan vijftigers en zestigers.’ O Jah, echt waar?’ zeggen ze. En: ‘Oh, wat bijzonder!’ Het wordt  stil in het halletje bij de kassa van De Zonnebloem. ‘Karma,’ fluistert iemand.

 

Ik ga naar een concert van de in de jaren tachtig beroemde Nits voorman Henk Hofstede. Hij speelt straks met zijn Avalanche Quartet, die net als wij volgende maand, een ode zullen brengen aan de overleden singer songwriter Leonard Cohen. Opgelucht en enigszins verlicht loop ik met mijn ‘vrij-kaart’ naar de overkant van het Zonneplein in Noord. Ik heb namelijk nog een half uur om wat te eten.  Opgelucht ben ik ook omdat het een barre fietstocht is geweest. Door weer en wind, in slagregens over het tochtige IJ, en vervolgens in Noord aankomen,  langs de lage huisjes ... Noord mag dan hip genoemd worden, overal zie ik nog de gloeiende RTL buizen - brandende fantomen achter vunzige vitrages - de onvermijdelijke  vaas in de vensterbank;  een mens wordt er niet bepaald vrolijker op. Zeker niet op vrijdagavond. En al helemaal niet een mens op een geheime missie. Ik heb namelijk 50 flyers voor onze eigen voorstelling (op 15 april) uitgeprint en wil ze na het concert van Hofstede stiekem gaan uitdelen. ‘Pechteld flyert ook’, is het idee. En: ‘muziek is ondernemerschap’, een ander mantra. Enfin, blind loop ik het eerste etablissement binnen dat ik tegenkom, Lokaal Spaanders – wit met houten tafels. Ik  loop linea recta naar de bar om te bestellen, en als ik me omdraai zie ik verdomme dat Henk Hofstede naast me staat. En precies op dat moment gaat m’n app, een zakenvriend: ‘Geef Hofstede als eerste een flyer!’ Die 50 heimelijke flyers in m’n jaszak beginnen te branden. Maar tegelijk valt er een onzichtbare hand over die flyers heen, een streng sussende vinger op mijn lippen. Als ik mijn mond open om wat te zeggen voel ik dat ik in tongen zal spreken. Leonard’s wegen zijn ondoorgrondelijk.  Ik ben niet in staat ook maar een woord uit te brengen. Op een menukaart wijs ik vervolgens werktuiglijk de konijnschotel aan. Henk in zwart pak schrijdt voor me langs, over zijn gezicht hangt een stoïcijns waas van zelfvertrouwen.

Dan laat het konijn op zich wachten. Pas om half negen, terwijl de voorstelling is begonnen, kan ik afrekenen. Al mijn handen op mijn broekzakken: de flyers, een map, sleutels -  maar géén portemonnee. ‘F*ck!’ roep ik.

‘Rustig,’ zegt een hippie achtige man met lang haar achter bar. ’Misschien moet je eerst even naar huis bellen,’ zegt hij.

‘Zie ik eruit als iemand die naar huis wil bellen!’ roep ik verlicht. ‘Die portemonnee ligt in het IJ, man - heb je gezien wat voor weer het is!’

De hippie blijft de rust zelve. ‘Ga nu maar naar het concert, je kunt nu toch niks doen. Geef me je email adres maar; Ik mail je wel voor ons rekeningnummer.’

Voor ik het weet liggen al mijn flyers -  met mijn emailadres erop - op de bar.

Tijdens het concert word ik gezalfd door Leonard’s melodieën en teksten. Ze  doen m’n portemonnee en flyers vergeten. Henk en zijn band zijn geweldig. In de pauze krijg ik het toch te kwaad. Ik loop naar mijn jas, doorvoel al mijn zakken nog een keer. Geen portemonnee. Wel nog 3 flyers in een binnenzak. Tegen mijn karma in leg ik ze op een tafel in de hal en vertrek. Als ik thuiskom vind ik m’n portemonnee op mijn bureau. Ik ga nu het konijn overmaken2017 facebook blog foto