Columns - Verhalen - Zondagstukken - Recensies

Vrijheid en helden

Trompetgeschal over de Waalsdorpervlakte, militaire uniformen met tressen en blinkende onderscheidingen, grijze mannen in pakken, vrouwen met hoeden. Allemaal kijken ze ernstig. Even lijken hun gedachten met de trompet over de eindeloze vlakte te dragen, met de wind mee, omhoog, de doden aan te raken. Even zijn die via de kosmos verbonden met ons, aardse stervelingen - zij die allen op een bepaalde manier nog altijd wachten op bevrijding. De doden hebben een streepje voor, zij weten hoe het zit. Zo ervoer ik de dodenherdenking als jongetje.

Nu ik ouder ben, en mijn gemoed wellicht vervlakt, zie ik behalve verdriet, vooral de ontroerende confrontatie met een groot menselijk gebrek, maar ook een groot acteren, een ophouden van een bepaalde schijn (waarom stond het gezicht van Maxima gisteren op de Dam op barsten, alsof zij elk moment ter aarde kon storten)? Ja, ik zie een ‘tegen beter weten in’ - maar o zo noodzakelijk - ritueel. Een ritueel dat steeds meer de belangrijke taak krijgt een ontz(u)i(e)lde samenleving bij elkaar te houden.

 

Zo zingt Ali B vandaag een nieuw ‘konings- of herdenkingslied’. Helden, heet het. Het gaat over helden die een verschil maakten, en moedig waren, zo legde hij eergisteren op televisie uit. Aan iemand als Oscar Schindler moest ik denken. Aan andere helden die hun leven waagden of lieten voor onze vrijheid. Maar wat is dat, vrijheid? Wie zijn dat, helden? Zijn het de moedigen, de waaghalzen, de roekelozen onder ons? De helden die Ali B bezingt bestaan volgens mij bij de gratie van de gewone man of vrouw die goed om zich heen kijkt, bij hen die hun aandacht naar buiten weten te richten, en de dingen daardoor net even anders aanpakken. Zoals een kassière die de oudere heer geen fijne - maar een prettige avond wenst; de troubadour die een lied voor een groter publiek durft te zingen; de DJ die zijn gitaar pakt; de chirurg die de hand van zijn patiënt vasthoudt; de yoga meester die geen zand in glazige ogen strooit maar de mediterenden met open vizier tegemoet treedt; de ‘millennial’ die ‘je’ zegt tegen de ‘oudere-jongere’; de leraar die talent weet te differentiëren en herleiden tot een uniek detail van zijn leerling, en hem of haar van de kracht ervan weet te overtuigen; zoals de politicus en de journalist die het lef hebben niet alleen bij de waan van de dag te acteren omdat respectievelijk hun kiezers en lezers dat vragen. Alleen bij de gratie van hen bestaat de held die Ali bezingt. Zij zijn en dragen die held.

En wat is dan vrijheid? Iemand met een geestesstoornis, een geitenneuker noemen? Ja, in juridische zin kan men dat vrijheid noemen, en laat dat vooral zo blijven. Maar hoe megalomaan de dictator ook zijn tanden in een land zet, ’t is teveel eer hem een hoerenjong te noemen, het schiet zijn doel voorbij, het werkt averechts. Heldhaftig, moedig? Het is vooral te vrijblijvend. Het woord zegt ‘t al: in de verwende waan dat je ‘vrij blijft’, eenvoudig omdat je het gewend bent, kun je roepen wat je wil. Geen ‘kunst’ aan. Nu de randen van Europa worden afgebrokkeld en opengebroken, en steeds meer culturen hun intrede doen, nu de wereld onontkoombaar op ons af komt, is dat is helaas geen vanzelfsprekende realiteit. De cabaretier, de liedjesschrijver, de romancier, de cartoonist, ze zullen in veranderende tijden hun talent ten diepste moeten aanspreken, nog dieper moeten graven. Desnoods naar de bodem van de oceaan duiken, en in het donker naar goudstukken moeten zoeken, die mee naar boven nemen, en ons niet alleen laten zien hoe donker het er is, maar ons ook de blinkende stukken tonen.

‘Opdat wij niet vergeten,’ is zo’n beetje het credo dat rond deze dagen hangt. Ultieme vrijheid is misschien wel mógen vergeten. Het zou geen kwaad kunnen in die ultieme vrijheid 's wat vaker de moed op te brengen onszélf te vergeten.facebook blog foto